De promiscuïteit van topmannen: ‘Receptionistes moeten lekkere blonde wijven zijn’

MannenVrouwenalles-766x629Mannen en vrouwen op de werkplek; een thema waar je uitgebreid over kunt schrijven en dat heeft Bert Overbeek dan ook gedaan. In zijn deze week geschreven boek, ‘Mannen en/of vrouwen’ gaat het 0ver man/vrouw-verschillen op de werkvloer. Een amusant thema, zal je merken als je het boek leest. Met kenmerken waar je op het eerste moment misschien over heen zou lezen. Om je al een beetje te laten genieten van het boek doen we deze week twee voorpublicaties. Hieronder zie je er een. Het boek zelf is onder andere hier te bestellen: https://www.managementboek.nl/boek/9789492221377/mannen-en-of-vrouwen-bert-overbeek

‘ Twee alfamannen van tussen de 30 en 40 gingen de strijd met elkaar aan. Ruud was een ‘blauwdrukdenker’ en vond dat je vanuit een plan moest werken. Edwin was het daar volledig mee oneens. Hij vond plannen vaak belemmerend, en je moest ze op tijd kunnen loslaten. Je moest gewoon beginnen en dan ontdekte je gaandeweg wel of je in de goede richting zat. Dit verschil van mening komt meer voor bij leidinggevenden. Maar bij Ruud en Edwin liep het uit de hand. Ruud was namelijk nogal geladen. Ik heb enige terughoudendheid bij het citeren van zijn woorden, maar je mag weten hoe mensen zich in dit soort situaties gedragen.

Hij zei:

-Als die gozer niet snel bijdraait, ga ik hem voor zijn bek rammen met dat zweverige gezwets van hem. Hij moet gewoon opleveren.

Als je verbaast bent dat mensen op een managementniveau dit soort dingen zeggen, dan kan ik me dat voorstellen, maar het gebeurt. In een mediationtraject kwamen de mannen vervolgens nog niet tot elkaar en uiteindelijk besloot Edwin ontslag te nemen. Ruud vond niet dat hij voor wie dan ook hoefde te wijken.

Deze ‘oorlog’ is het gevolg van pure ambitiedrift. Louter gericht op het uitschakelen van concurrenten. Alfamannetjes die vechten voor een hoge plek in de hierarchie. En daarbij in het gevlei probeerden te komen bij hun leidinggevende. Dit gedrag zien we precies zo beschreven in het boek Chimpanseepolitiek van Frans de Waal. In dat boek raken we vertrouwd met de machtsstrijd tussen de mannetjesapen. In het streven naar de alfastatus maken de apen gebruik van coalities. Deze coalities zijn puur gericht op bevestiging van hun positie in de rangorde. De relatie met de leider biedt paringsmogelijkheden. Maar ook mogelijkheden om in de toekomst de leiderspositie over te nemen.

Leiders moeten dus voorzichtig zijn met hun ambitieuze talenten; voordat ze het weten zijn ze het slachtoffer van hun machtswellust, en zijn ze hun positie kwijt. Lang is deze behoefte aan macht psychologisch verklaard. Zo werd er gezegd dat er een innerlijk gemis mee werd opgevuld, dat een dominante vader tot machtsgedrag leidde, dat onzekerheid er toe leidde dat je jezelf steeds met macht moest bewijzen of dat mensen een soort misdadig genoegen schepte in macht. Ik sluit die mogelijkheden niet uit. Dominante vaders en moeders, of vaders en moeders die hun innerlijke of onderlinge conflicten niet geklaard hebben, kunnen een levenslang durende onzekerheid of onevenwichtigheid teweegbrengen.

Maar ik vind dat die verklaringen te vaak van stal worden gehaald. De talloze trainers, therapeuten, psychologen en goeroes die dat doen, vergeten de biologische kant van machtswellust. Persoonlijk vind ik het in veel gevallen namelijk ook zeer aannemelijk, dat hier evolutionaire resten in onze geest werkzaam zijn. Diep in ons onbewuste en misschien wel het bewuste, denken we dan betere kansen te hebben op voortplanting wanneer we aan de top staan. We weten dat het zo werkt. En het beinvloedt ons streven.

En weet je wat het ironische is? Het is ook zo. Een hoge status leidt in onze 21e eeuwse westerse samenleving tot meer kansen op de partner van je keuze. Dit mag blijken uit het volgende verhaal van de bioloog Nelissen:

‘Uit onderzoek is gebleken dat vrouwen veel vaker reageren op contactadvertenties waarin de man op de één of andere manier blijk geeft van een hoge sociale status, zoals een goede baan of het lidmaadschap van exclusieve genootschappen. Omdat in onze maatschappij status meestal een dikke portemonnaie betekent, is deze voorkeur goed te begrijpen. Rijke mannen zijn namelijk makkelijker in staat om voor het nageslacht te zorgen. Het is dan ook niet vreemd dat mannen, om de gunsten van vrouwen te winnen, elkaar onderling vaak proberen af te troeven met het bezit van sjieke artikelen.’

Het fenomeen is niet nieuw. Wie de sjeik uit de verhalen van Scheharazade kent, u weet wel, die van 1001 nacht, weet dat ‘veelwijverij’ eeuwen geleden vooral voorkwam bij mannen hoog in de pikorde. Denk maar aan de harems. Ik durf zonder al te veel aarzeling te zeggen dat er sindsdien weinig veranderd is in onze biologie. Zo laten bestuursvoorzitters met enige regelmaat zien dat ze viriel zijn. Ik heb daarvan meerdere voorbeelden.

Voormalig premier en VN-topman Lubbers had op dit gebied een reputatie, ex-president Clinton rookte graag een sigaar met Monica Lewinsky, ex-IBM topman Robert Moffat bedreef handel met voorkennis om een vrouw te helpen met wie hij een intieme relatie had en HP-baas Mark Hurd ging over de schreef met een van zijn medewerkers. In mijn carriere heb ik het regelmatig meegemaakt dat mannen in topfuncties zich ‘even lieten gaan’. Dat hoeft niet altijd onmiddellijk overspel te zijn. Zo ken ik een bestuursvoorzitter die zich temidden van andere mannen liet ontvallen dat ‘receptionistes lekkere blonden wijven met voortreffelijke boobies’ moesten zijn. Op een personeelsfeest had hij grote moeite om met zijn handen van de mooiste vrouw af te blijven. Een belediging van de andere vrouwen die aanwezig waren. En denk nou niet: dit kan toch niet waar zijn? Want het is gewoon gebeurd.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *